Alle boeken van Ann Driessen

Alle boeken van Ann Driessen

dinsdag 30 juni 2026

MERAVIGLIOSO, PERICOLOSO E TROPPO DIFFICILE!

Prachtig, gevaarlijk en te zwaar, met andere woorden: nooit meer! Ik was opgelucht, tevreden en trots dat ik die martelende wandeltocht van Lago di Braies (Pragser Wildsee) tot Prato Piazza (Plätzwiese) in de Dolomieten aflegde, eh… overleefde.


Vijf wandeldagen in de Dolomieten, Zuid-Tirol, Italië, drie natuurparken waarvan een Unesco Werelderfgoed: het is nu of nooit, dacht ik. Met mijn 70+ moet ik er niet binnen een jaar of vijf aan beginnen. De eerste dag was al een voltreffer, in vele opzichten. Zo mooi maar nooit meer! Hoe mijn avontuur begon? Eerst met de bus van Dobbiaco naar Lago di Braies, ongeveer 15 minuten. Bij aankomst: een oogstrelend appelblauwgroen meer waarrond wandelen kan. Mijn man en ik kozen voor - zoals ‘opgedragen’ in de onze wandelbeschrijving – een helft ervan rechtsom stappen en dan het pad naar omhoog. Ik had niet alles van de beschrijving tot in de detail gelezen-begrepen, wel ‘lang en moeilijk’ gezien, maar, eerlijk gezegd, ik heb evenveel genoten als afgezien. En die tocht zal ik voor u proberen te beschrijven…

Het wandelen startte te laat - om 11u - want de 1ste bus kwam niet opdagen. Gewapend met hoge bergschoenen, in afritsbroek en T-shirt, met zonnecrème, zonnebril, pet, picknick, broodje kaas, appel en twee waterflessen (plus fleece en regenkledij die ik niet nodig had) konden we aan 1100 m stijgen beginnen. Opvallend weinig wandelaars voor en na: na afloop begreep ik dat! Je moet goed gek zijn om - badend in de zon of in de regen – al is het op een laag ritme dat traject af te leggen. Het 1 km lange turquoise meer verdampte tot een regenplas. Huurbootjes en toeristen werden ‘beneden’ onbeduidende streepjes en stipjes.

RAMPEN

Het pad slingerde verder, hoger en hoger, het landschap werd kaler en kaler… rotsiger en steniger, maar ook groots, weids, ontzaglijk. Zag of zou ik ooit nog zoiets zien? Neen, nergens. Niet in Zwitserland, niet in IJsland, Ierland of Schotland, niet in Noorwegen… zelfs de Grand Canyon in de VS verbleekte, voor mij, bij dat bergtoppenzicht.

Dat ik niet struikelde, viel of neerstortte was een klein wonder. Ik overdrijf niet (of een beetje). Ik moest me, met tussenpozen, geweldig concentreren, stap na stap, om niet het slachtoffer te worden van onderuitgaan, oneffenheden, uitglijden… Hoe dikwijls dacht ik onderweg: wat als er iets gebeurt? Ik zag in gedachte een scenario van een heuse rampenfilm waarin de hoofdactrice was. Sorry, toekomstige wandelaars, mijn verbeelding sloeg werkelijk op hol. Zal ik uitglijden? Neerstorten? Een val overleven? Kan een helikopter me redden? Nooit eerder had ik een dergelijk scenario bedacht, gevoeld, neen gevreesd. Kom ik heelhuids uit dit wandelavontuur zonder bloeddrukval, hersenbloeding of hartinfarct.? Ja, onderweg dacht ik gewoon aan alle mogelijke calamiteiten.


Twee vragen popten als popcorn al na een uur of vier, voortdurend op: hoelang duurt deze marteling nog? Zal ik dit hachelijk avontuur ongeschonden overleven? Ik kende de antwoorden niet. Op de derde vraag – nog zo’n wandeling? -  wel, met stelligheid: nooit meer! De toekomst voor mij ligt in veel minder moeilijke wandeltochten.

HOGER

Ik moest ook volhouden omdat ik niet kon stoppen, uitstappen of inkorten… of dat niet wilde (want er was blijkbaar wel 1 mogelijkheid om af te haken, nl. aan de Rossalm, waar we nota bene een koffie dronken, onder met muziek van een gitarist en een accordeonist). Naarmate we hoger en hoger ‘geraakten’, viel het op dat er niemand voor of na ons steeg, via hetzelfde stenige pad naar dezelfde eindbestemming. Dat bleef zo tot het eindpunt… door wat volgde begreep ik dat helemaal: bij een bepaalde etappe, aan een oranjekleurige koraalrotswand, hingen - gelukkig - stalen kabels om de bocht te maken en veilig te passeren! Ik greep ze met al mijn resterende kracht - niet veel - vast. Lossen kwam niet in mijn gedachte op. Spijt wel toen de kabels stopte en ik weer een rotsig (naar mijn oordeel te) smal pad verder moest volgen. Enkele lawines van stenen belemmerden een klein stuk van ons traject, maar niet onoverkomelijk: van ver leek de ‘oversteek’ onmogelijk, van dichtbij mogelijk. Al moest het op handen en voeten. Hoe dikwijls prevelde ik dan wel: Ann niet struikelen, niet vallen. Ik was de tel kwijt!


EMOTIES

Ik heb nooit eerder zoveel gezweet, gezucht, geklaagd (ocharm mijn medewandelaar-man), en zo dikwijls gestrompeld, gehijgd, gezucht en gestopt. Eigenlijk doorliep ik met gemak alle mogelijke emoties: bewondering, verwondering, extase, geluk, trots, tevredenheid, bezorgdheid, ongerustheid, twijfel, verwarring, hoogtevrees en… angst. Nooit zulke variatie aan gevoelens moeten doorlopen in 8 uur tijd. Want ja zolang duurde de beproeving, soms kwelling. Nooit zoveel schrik gehad tijdens een wandeling! Ik lach nog op de foto maar dat is pure show…

Ik dank niet God maar mezelf dat ik niet gevallen ben, neergestort ben, terwijl ik het lot heb uitgedaagd. Lang en moeilijk, schrijft Zuiderhuis (onze reisorganisator in de beschrijving) maar a.u.b. voeg de adjectieven ‘heel zwaar’ en ‘prachtig’, ‘ adembenemend’ erbij (nvdr: later enkel overtroffen door een wandeling rond de Tre Cime, Unesco Werelderfgoed).

REDDEN

Toch echt jammer dat een wandelaar op zijn tellen moet passen… letterlijk: op voeten, stappen, pad, wegeltje moet letten en niet constant met de neus in de lucht en de ogen op de weidse indrukwekkende omgeving kan voortbewegen. Die natuur, dat zicht op die bergtoppen… de Dürrenstein, Lungkofl, Jaufen, Rode Wand en Hoge Gaisl. A l kon ik niet zeggen welke top waar was. 

Achteraf dacht ik wel: wat als we op een ‘verwacht’ moment niet kwamen opdagen in ons hotel? Zouden ‘redders’ ons, op een bepaald uur, gaan zoeken als enkel onze bagage en niet wij arriveerden? En hoe? Met zaklampen, touwen, plooibare draagberrie en medische kit?  Met helikopter? Een veilige plek, laat staan eentje die in aanmerking zou kunnen komen voor een dalende heli, zag ik niet… En ‘iemand’ verwittigen? Heel hoog in de bergen werkte onze gsm niet… enkel de noodknop op de IPhone van mijn man… En wat als we geen zonovergoten dag (de onze) maar plots regen, storm of bliksemschichten ons overvielen? De tips van de reisorganisator - hoe gedragen bij slecht weer - had ik gelezen… maar niet onthouden. Mijn dikke fleece en regenbroek had ik in mijn rugzak niet mee, om mijn rug te sparen (wel na controle van het weerbericht).

BELONING

Mijn man liep voorop, soms te ver… en dat na een herstel van een openhartoperatie twee jaar eerder. Hij kon ‘het’ precies beter aan… of deed alsof? We zijn wel wandelaars, op overwegend  ‘platte’ bodems, geen getrainde of geoefende bergbeklimmers. Ik heb echt dikwijls willen opgeven en stoppen, maar dat ging dus niet. Op een bepaald moment bleven slechts twee mogelijkheden over: terug naar beneden of toch naar boven. De tevredenheid, opluchting, trots en voldoening bij aankomst op 2000 m hoogte was dan ook mateloos. En het geluksgevoel, enkel en alleen om de vaststelling: we hebben dit overleefd! Echt waar.

En de beloning, na die bijna 8 u marteling om 19u15 na 31.534 stappen? Het idyllische hotel Gaisl. Nooit eerder was ergens  ‘aankomen’ zo heerlijk en vriendelijk. Bezweet, met natte t shirt en bestofte schoenen (geen tijd om op te frissen en om te kleden want eten moest tussen 7 en 8) rechtstreeks - zonder boze of verwijtende blikken - mochten we aan tafel, getooid met een sneeuwwit laken… om na een deugddoend viergangenmenu in een ruime hotelkamer met uitzicht op bergen te douchen en niet meer te bewegen. Mijn voeten en lijf smeekten om water en platte rust. Mijn gevoel? Dit avontuur had ik niet willen missen, maar nooit meer!

WENSEN

Mijn wensen werden immers vervuld: ik viel niet (en hij ook niet!), gleed niet uit (niet noemenswaardig, noch met kwalijke gevolgen), struikelde niet, raakte niet gewond door vallende stenen, ik had geen zonnesteek, geen muggenbeten, ik was niet uitgedroogd of uitgehongerd, neergebliksemd of uitgeregend. Ik had geen bloeddrukval, appelflauwte, geen hartinfarct of hersenbloeding. Jaja, dat speelde echt bij momenten door mijn hoofd! ‘Oma is een schrikscheet’, zou mijn kleinzoon van negen zeggen. Een (tijdelijke) pijnlijke linkerknie, eksteroog en rechterteen na 14 km stijgen - geen spierpijn - kon ik als gevolgen gemakkelijk aanvaarden en verdragen. Ik was en ben een gelukzak! Maar, ik herhaal, het was adembenemend, maar nooit meer zulke wandeling, uitdaging, beproeving, marteling…


Ps. Wil je een prachtig uitzicht (met mogelijkheden van wandelen), zonder mijn tocht (6-7u, 14 km, 1100 m stijgen en 580 m dalen), neem de bus van Dobbiaco naar de Prato Piazza…

 

 

 

donderdag 21 mei 2026

EEN VERGIFTIGING NA EEN ZELFDODING...

Help, ik vergiftigde mijn dierbare prachtige dieffenbachia! Ik probeerde hem te redden, maar elke dag ging zijn toestand zichtbaar achteruit. De schitterende fiere witgroen bladeren gingen over naar een hangstatus… Ze verlepten en verbruinden. Ik had die plant in plaats van water azijn gegeven! Balen. Want na een ongeziene zelfdoding, gebeurde deze ongewilde vergiftiging…

Echt, ik houd van planten. Ik heb er meer dan 20 staan in mijn eetwoonkamer. Kleintjes en grote… met kleine, middelgrote en grote bladeren, met hoogtes tussen 10 en 60 cm…. En breedtes die ik niet ken. Ik houd van groen, veel groen, maar kan niet zeggen dat echt groene vingers heb. Ik doe echt wel mijn best om mijn groene kroost zo goed mogelijke te verzorgen, meestal op basis van advies van zij – websites, winkels, mensen - die het veel beter weten dan ik. En als ik met vakantie ben, zelfs voor enkele dagen, schakel een lieve buurvrouw in die waakt over mijn groen. En af en toe krijgen ze vitamines: water waarin 2 dagen bananenschillen weekten of een scheutje plantenvoeding.

GEEN OPZET

Maar o zo erg. Ik vergiftigde mijn Dieffenbachie! Niet met opzet, per vergissing. De twee gelijkende doorschijnende flessen stonden naast elkaar op het aanrecht… en ik greep de verkeerde! Was ik verstrooid, dromerig, in gedachten of in de wolken over iets? Ik weet het niet. Mijn vergissing merkte ik ’s anderendaags niet eens op, al hing er een heel licht azijngeurtje. Die geur wijdde ik aan het schoonmaken van mijn alu-wasbak. Drie dagen later trok die mijn aandacht omdat ze er naar mijn gevoel ‘bedrukt’ uitzag: afhangende bladeren zijn geen goed teken. Dat is, op een mensen toegepast, gelijkaardig aan ‘je oren laten hangen’ of ‘sip kijken’…

Ik drukte mijn neus in zijn pot: ik wist meteen wat er aan de hand was. Zo snel als mogelijk pakte ik de pot beet, liep de trappen af naar buiten, trok voorzichtig de plant uit zijn pot, schudde er alle aarde vanaf, spoelde de wortels, gaf hem een andere pot met pas gekochte potaarde… in de hoop, natuurlijk, dat hij er bovenop zou komen. Vergeefs gehoopt en gedacht.

GEEN REDDING

Mijn goedbedoelde manoevers hielpen geen fluit. Hij gaf langzaam de geest. In een ultieme poging om hem alsnog tot leven te wekken, verplaatste ik hem naar het terras, voor meer lucht en licht. Maar ook dat zorgde niet voor verbetering. Zijn bladeren verslapten totaal, zijn natte stengels kleurden bruin-rottig. Neen, hij was echt niet meer te redden. Uiteindelijk belandde hij in de groenbak van Ivago. O zo jammer, want hij deed het al maanden zo goed! Hij straalde want ik had de voor hem ideale plek gevonden! Ik was zo blij dat mijn Dieffenbachia achter de fotokaders van mijn dochters zich daar overduidelijk echt thuis voelde. Niet altijd gemakkelijk hoor: niet te warm niet te koud, niet in de tocht, genoeg, niet te veel en ook niet te weinig licht. Sommige planten zijn echt dramaqueens die op geen enkele plek gedijen, content zijn of stralen… Maar ja, mijn grove fout deed hem afzien en leidde tot zijn langzame maar zekere dood. Ik schaam me voor mijn onvoorzichtigheid en vergissing... en voel me o zo schuldig aan zijn dood.

TWEEDE SLACHTOFFER

Met dit verhaal zal ik geen lof oogsten of prijs winnen, wat ik met een vorig slachtoffer wel deed, nl. met het verhaal van mijn amaryllis. Die ‘verloor’ ik ook, niet door mijn fout (denk ik toch, tenzij een veel grotere pot hem zou hebben gered?), maar door zijn nachtelijke zelfdoding. ’s Morgens lag die gewoon horizontaal op de grond: ‘sprong’ hij uit de pot én van de kast? Het blijft een groot mysterie, waar noch ik noch mijn man schuldig aan zijn.

Gelukkig zit ik nu in een plantengroep op facebook waarin ik nuttige tips vind, al zijn die niet altijd eensluidend. Mister Google, madame Wikipedia of miss ChatGpT hielpen me ook al. Een verkeerde fles nemen, eentje met azijn in plaats van regenwater, dàt zal me nooit meer overkomen.

Hopelijk.


Ps. Waarom in hemelsnaam zijn mooie dingen van het mannelijk geslacht? Jawel, plant is een hij, geen zij. 



woensdag 29 april 2026

ONVERGETELIJKE BRITSE DAMES

Vorig jaar ‘ontmoette’ ik totaal onverwacht, tijdens een auto- en wandelreis in Zuid-Engeland, vier bijzondere vrouwen uit het verleden: 3 schrijfsters en 1 paleontologe. Ik kan ze niet vergeten: deze vrouwen met talenten, die ondanks dat gemakkelijk werden en worden vergeten en ondergewaardeerd waren-zijn-blijven. Daarom stel ik ze graag kort voor, ‘mijn’ dames: Jane Austen, Mary Shelly, Vita Sackville-West en Mary Anning.

                                                                      JANE (1755-1817)

Met mijn firsth lady, Jane Austen (1755-1817), maakte ik kennis in Southampton, de stad waar ze tussen 1806 en 1809 woonde (en ik 1 nacht en 1 dag bleef). In 2025 werden op vele plaatsten de 250 ste verjaardag gevierd van deze geliefde Engelse romanschrijfster. Zeg nu zelf: je moet (als vrouw) al van de wereld weg zijn geweest om niet ‘Pride and Prejudice’ - haar meesterwerk? - te kennen (door boek of film). In Southampton kon (en kan) je een Jane-Austen-trail (pad) volgen: dat voert je naar meer dan 20 plekken die een band hebben met haar. Ik zag er maar enkele… omdat de parken, het Ocean museum (Titanic-proces) en vertrekkende cruiseschepen mijn aandacht veroverden.


Ik koos, na mijn reis, haar boek ‘Emma’. Ik moest doorzetten, want it’ s not my cup of tea. Emma, Bates, Jane, Frank, Harriet… De theekransjes van de hoge burgerij, de diners, danspartijen en Emma’s pogingen om mensen te koppelen… ik werd het snel beu. Maar de film ‘Trots en vooroordeel’ vond ik een heerlijke tranentrekker. Maar ik besef - door alles wat door en over haar is geschreven - dat zij in en voor haar tijd echt-terecht een gevierde auteur was, misschien ook de eerste maatschappijkritische schrijfster? Ik onthoud ook Cassandra, haar zus en grootste fan. Zij schreef over Jane: ‘I have lost a treasure, such a sister, such a friend as never can be surpassed. She was the sun of my life, the gilder of every pleasure, the soother of every sorrow, I had not a thought concealed from her, it is if I had lost a part of myself’. Wat een zusterliefde! Cassanda zorgde ervoor dat na haar dood haar werk in de aandacht bleef. Jane was 41 toen ze stierf in Winchester, waar ze begraven ligt in de kathedraal! Prachtige kathedraal en dito graf! Ga kijken…

MARY (1799-1847)

Nummer 2 is Mary Anning wiens beeld en geschiedenis ik kon zien-achterhalen in Lyme Regis met zijn kalkstenen kliffen, waar ik ook overnachtte. Een uitzonderlijke autodidact met een geweldige passie: fossielen verzamelen met opgetrokken jurk, blote voeten, een mand aan de arm, uren dwalend op het strand. Zij werd en is onvergetelijk door o.m. twee vondsten: een compleet skelet van een Ichtyosaurus (vis-hagedis) toen ze 12 was, en van een Plesiosaurus (zeereptiel). Zonder opleiding kon ze haar vondsten heel goed beschrijven, tekenen en de exacte locatie vastleggen. Ze kreeg een toelage van British Association for the Advancement of Science! Maar ze kreeg borstkanker, stierf toen ze 47 was. Het strand van Lyme Regis met zijn fossielen is een aanrader, de film ‘Ammonite’ over haar ook.











MARY (1797-1851)

Mary nummer 2 is schrijfster Mary Shelly (Mary Wollstonecraft Godwin). Haar kwam ik tegen, tenminste haar graf, totaal onverwacht (vooraf niet voorbereid of bestudeerd) in Bournemouth aan de St Peterskerk Saint Peter’s Church, onderweg van parkeerplaats naar strand. Ik viel bijna achterover: zo’n onverzorgd, vuile grafsteen voor zo’n beroemde schrijfster! Iedereen kent toch haar onvergetelijke mysterieuze bestseller-horror-SF-verhaal ‘Frankenstein’? Wereldliteratuur, ontelbare keren herschreven, vertaald, verfilmd en opgevoerd werd. De dood was haar niet vreemd: ze verloor 4 keer een kind… en haar man! Een zoon overleefde haar.

VITA (1892-1962)

Van een totaal (voor mij toch) onbekende auteur, Vita Sackville-West kon ik haar originele schrijfkamer bewonderen in het torengebouw op het landgoed, Sissinghurst Castle Gardens. Via 78 treden raak je in verschillende kamers, maar de eerste, mooiste en belangrijkste is de schrijfkamer van Vita. Wat een juweeltje! Achtergelaten zoals het daar was toen ze stierf in 1962, met haar eiken bureau en Mexicaanse pot vol pennen (wel gerestaureerd in 2023). Om jaloers op te zijn (neen, ik gun elke auteur zijn/haar kamer... ik heb er ook een!) Het deed me meteen denken aan ‘A Room of One’s Own’ van Virgina Woolf, waarmee Vita speciaal bevriend was. Op de toren, een prachtig uitzicht op de door haar ontworpen tuinen met tal van romantische hoekjes. In het hoofdgebouw, beneden, nog een library. Daar en in haar werkplek vind je 4000 boeken! Het echtpaar Vita en Harold Nicolson had geld: zij dichter-schrijfster-tuinierster, hij diplomaat-schrijver. Vita’s huis 'Knole' in Kent met zijn 365 kamers, 52 traphallen, 12 ingangen en 7 binnenplaatsen staat nog op mijn te bezoeken-verlanglijstje. Haar gedicht ‘The Land’ of roman ‘Grand Canyon’ moet ik ook nog lezen. Maar er zijn nog zoveel wachtenden…


Ja, vrouwen met talenten, welke en waar ook: ze worden ook door ons, vrouwen, dikwijls vergeten. Ik ben blij dat ik deze vier even heb kunnen voorstellen… Maar wie kan er in Vlaanderen het best vertellen over o.m. Mary Shelly, Jane Austen en zovele andere schrijfsters, vooral Virginia Woolf? Juist, één naam: Magda Michielsens! Nodig ze uit! Kijk op: MOH

maandag 30 maart 2026

LANG LEVE JOMMEKE, BARNY, LOLA, MARIE...

Ken je Jommeke, Eddy, Marie en Paul, Lola en Barny? Neen, dat zijn mijn broers of zussen niet, ook geen collega’s of vrienden, en zeker geen film-, roman- of stripfiguren. Het zijn de dieren in schoolhoeve De Campagne in Drongen.

Ik was er de eerste keer, jaren geleden, met kleinzoon 1 en enkele maanden geleden, met kleindochter 1 en kleinzoon 2. Het bleef me bij. Misschien omdat mijn gezelschap van 1,5 en 3 jaar hen al even graag als ik zag stappen, kruipen, rennen, springen, eten of drinken! Maak kennis met enkele beestjes. Barny is een gepensioneerd Brits tinkertherapiepaard, Marie en Paul zijn wroetende minivarkentjes, Jommeke (wordt 15 dit jaar?) is een niet zo koppige ezel, Eddy een aaibare pony. Ik heb het dus over de dieren van die schoolhoeve of kinderboerderij (wat is het verschil?). Mijn bezoek aan die plezante bende dateert al van enkele maanden geleden, maar de kennismaking met hen bleef me wel bij.

CAVIA'S
                             

Kleindochter en kleinzoon vonden het geweldig dat ze enkele van die 30 krioelende wit-bruine-oranje cavia’s weegbree mochten voederen. Braaf bleven ze zitten, zoals opgedragen, op een bankje terwijl ze hun streepje groen aanreikten aan de knabbelend bende. Dat ze er zijn ‘per vergissing’ zijn, vertelden ik hun niet. Op de hoeve ‘dacht’ men - na de nodige inzet en inspectie - dat de mannetjes van de vrouwentjes veilig van elkaar gescheiden waren. Mis dus. Toevallig belandde een mannetje bij vrouwtjes met een ongelooflijke gezinsuitbreiding en een bijkomende zorg en attractie voor de hoeve tot gevolg.

BOWIE EN TOETJE














Maar na de bijzondere voeding was de pret nog lang niet op. Daarvoor passeerden we nog een witte geitjes, kakelende kalkoen, wollige schapen, de wit-zwart-bruine konijnen. En natuurlijk trokken we onze neus niet op voor publiekslieveling varken Lola (7 jaar) in haar moddergeploeter. Angela en Akaram, zwarte konijntjes,
Leo de pauw, geit mama Sia en haar kleintjes (ondertussen 
groot?) Bruce en lee, hun oma Bibi, geit Bowie met de sik, poes Toetie de muizenvanger… Zij werden stuk voor stuk opgemerkt. Zij (3) nam het voortouw maar haar broer van anderhalf deed niet onder: hij stapte dapper meer dan gewoonlijk met zoveel dierlijke aanwezigheid (normaal is het: ‘oma... opa pakken’). 
Dus ja, ik hoop dat die kinderboerdij daar ook na 2026 openblijft want even op één van de minitractoren rondrijden (of op de échte, oude, zitten), in een schommel zwieren, een pauw zien pochen, op een houten paard een ruiter lijken, de groeiende groenten leren kennen in de tuin, en - vooral - veel beestjes zien… o zo fijn!


Ps.  Opgelet: de beestenpopulatie wijzigt geregeld, maar er is altijd nieuw leven! De Campagne is elke dag open van 9u tot 16u. Op woensdag en in schoolvakanties tot 17u. Gesloten in het weekend en op feest- en brugdagen. Wat toch wel jammer is…



zondag 8 maart 2026

ODE AAN ALLE VROUWEN...


Ik breng vandaag, 8 maart, Internationale Vrouwendag, een ode alle vrouwen die ik graag zie, die ik ken, van dichtbij of van ver, van zien, van lezen of van horen. Ik heb een lange lijst… die niet volledig is.

Bovenaan prijken natuurlijk met stip mijn twee schatten van dochters die, ondanks de liefde én de gebreken van hun moeder, uitgegroeid zijn tot geweldige individuen met een eigen leven. Wat zij voor mij betekenen is niet te beschrijven. Daar heb ik als auteur zelfs geen woorden voor. Ik zou niet meer willen leven zonder hen…

En dan komen mijn bijna onmisbare zussen. Hun onvoorwaardelijke liefde, aanmoediging, betrokkenheid en steun is wonderbaarlijk. Niet iedereen heeft zulke zussen. In mijn dubbele familie zitten nog dergelijke uitschieters tussen nichten en schoonzussen.

Verder in mijn vrouwenrangorde staan vriendinnen, hechte en minder hechte. Er zijn er die bijna halfzussen zijn. Er zijn er die altijd zwijgen… maar toch meer die, regelmatig of onregelmatig, luisteren, spreken, steunen met een goed woord, een warm woord of zelfs met een onderbroek… en mijn fouten verbeteren!
Er zijn er die door dezelfde microbe gebeten zijn: vrijwilligerswerk. ‘Mijn’ vriendinnen wonen in o.m. in België, Nederland, Italië, Groot-Brittannië en Algerije. Ik waardeer ze, bewonder en probeer ze te steunen.

En tot slot zijn er vrouwen die - voor mij toch - opvallen, een voorbeeld stellen, een richting wijzen, iets leren, baanbrekend zijn op een of andere manier. Maar met veel enthousiasme, optimisme, kennis en vaardigheden. Het zijn mijn rolmodellen, vrouwen waar ik graag aan wil aanhaken, hangen, kleven… om te leren, om te leven, om te overleven. Onderaan vind je een beperkte en onvolledige inspiratielijst…

Dank aan alle vrouwen!


Vrouwen en organisaties die inspireren? Er zijn er zoveel! Om er enkele te noemen: Hilde Schuddinck, Phara de Aguirre, Elke Jeurissen, Erika Vlieghe, Isabel Albers, Sofie Lenaerts, Agnes Steenssens, Magda Michielsens, Alicija Gescinska, Gaea Schoeters, Amélie Nothomb, …

Fixdit, Expertendatabank, Rebelle vzw, Stichting Lezen en Schrijven, Janneke van Heugten, Vrouwen van het Rijksmuseum,…

Meer tips? Ze zijn welkom!