Alle boeken van Ann Driessen

Alle boeken van Ann Driessen

donderdag 17 september 2026

HELDEN BIJ DE KONING

Voor mij was 9 september 2025 een onvergetelijke dag, voor minstens 12 inspirerende Belgen wordt dat vandaag, donderdag 17 september 2026. Om 14u worden ze ontvangen op het paleis en kunnen ze zelf aan Koning Filip vertellen waarom en hoe ze zich onbaatzuchtig inzetten in onze samenleving.

Deze helden zijn, samen met het paleis, geselecteerd uit de 50 van de 150 kandidaten in het initiatief, BeHeroes, van het Prins Filipfonds/Koning Boudewijnstichting). De Koning wenst hun persoonlijk te bedanken en daardoor ook andere burgers te inspireren om zich onbaatzuchtig in te zetten voor de samenleving. De helden van dit jaar zijn tussen 26 en 68 jaar, mannen en vrouwen, met en zonder kleur of beperking, uit alle provincies: pater Stautemanss (Oekraine), Evelien Maerten (Troosttuin), Burak Köylü (Aktief), Saskia Benus (zorgboerderij), Lies Gielis (kleuterschool), Patrick Gerardy (Un monde meilleur), Alexandre Hemelaer (Tigerstorm), Aminata Kamate (Fondation Kalifa), Mahamat Haroun (Friendly Foot), Julien Vande Weyer (Un pas, un toit), Cynthia Simpson (Solidarité Grands Froids) en Karine Vanommeslaeghe (LichtBLICKE).

ONVERGETELIJK PALEIS

Ik was op 9 september in 2025 ook uitgenodigd op het paleis: wat een verrassing! Waarom? Omdat ik Agnes Steenssens als Be Heroe had opgegeven. Agnes zet zich al meer dan 25 jaar belangeloos, met hart en ziel en actie, in voor gedetineerden in Belgische gevangenissen via de vzw WithoutWalls (dit jaar 20 jaar). Ze ageert tegen de doodstraf en bezoekt terdoodveroordeelden in Texas.
Die dag zullen ‘mijn held’ Agnes en ik echt nooit meer vergeten: de vriendelijke ontvangst, de statige trappen, de schitterende Empire zaal, het gesprek met een aandachtige betrokken Koning Filip en minister van Binnenlandse zaken Quintin, de kennismaking met andere helden, … maar ook de stress van de trappen op en af gaan, van (vooraf) wat moet ik aantrekken en zal ik op tijd zijn? (dus te vroeg vertrokken), van de korte briefing, van zit mijn haar wel goed, van het wachten (en vermijden geknoei met koffie op mijn jurk), en vooral van: wat kan ik (en moet ik zeker) tegen onze Koning zeggen en wat niet. Een eenmalige kans die ik niet mocht verbrodden!  

Maar de stress voor en tijdens dat paleisbezoek bleek niet nodig: alles verliep vlot, vlekkeloos. De twee uur vlogen te snel om.  De mooiste herinnering heb ik toch wel aan de koning. Die sprak de 24 aanwezigen toe, voor hij aan elk tafeltje van 4 een persoonlijk gesprek had. Hij bedankte - gemeend, uitdrukkelijk en hartelijk - niet alleen de aanwezigen maar iedereen in ons land die zich op de een of andere manier belangeloos inzet.



BRIEF EN BOEK VOOR DE KONINGIN


Na afloop zat ik met het gevoel: heb ik nu echt gezegd wat ik wilde tegen de numero 1 van België? Wellicht niet of minstens onvoldoende: de echte helden gaf ik voorrang en zenuwen en tijdsgebrek speelden me parten. Maar ik had dat enigszins verwacht en voorzien: ik schreef vooraf een brief over mijn bekommernis en verdriet (tot op vandaag!) over de mensonterende omstandigheden in onze Belgische gevangenissen. Met ‘Voor Koningin Mathilde’ overhandigde ik het boek  ‘Gevangen geboren’, dat ik schreef met Renée én mijn brief. In de hoop dat Koning en Koningin boek en brief zouden lezen…


HET IS EN BLIJFT EEN SCHANDE

Misschien is het toeval, misschien niet (ik hoop van niet natuurlijk): enkele weken later toonde de Koning openlijk zijn bezorgdheid door gesprekken met gevangenismedewerkers en door een bezoek aan de gevangenis in Antwerpen. Zijn bekommering daarover zal nu, een jaar later, net als de mijne, ferm gestegen zijn: de overbevolking, de levensomstandigheden: ze zijn nog verslechterd! Ik vraag me - met hem? - af: wanneer komt er een einde aan die overbezetting? Aan het enorme gebrek aan medische en psychiatrische zorg voor gedetineerden en geïnterneerden? Aan de kwalijke hygiënische toestanden in bepaalde oude gevangenissen, bv. in Gent? 
Luister naar gedetineerden en gevangenispersoneel vertellen, lees de rapporten van de 37 commissies van de Centrale Toezichtsraad voor het gevangeniswezen, die waken over de eerbiediging van de rechten en de menselijke waardigheid van personen in detentie, enz. 
Dat mensen daar moeten leven of werken: het is een schande. En die schande blijft duren… Hoelang nog?

#koning #koningin #paleis #helden #beheroes #gevangenissen #centraletoezichtsraad


Met dank aan Boundbrakers en Koning Boudewijnstichting voor de foto’s.

Info: BeHeroes

zaterdag 22 augustus 2026

WAAR VOEL JIJ JE THUIS?

Wie in het buitenland woont of woonde - zelfs in België - vraagt zich wel eens af: waar voel ik me thuis? Hier of elders, in ons of in een ander land? Je ergens thuis voelen, wat betekent dat? Ik heb in mijn leven slechts in 3 landen gewoond, in minstens 5 steden in België en meer dan 40 landen bezocht. Vreemd genoeg… niet overal kreeg ik een kort of lang thuisgevoel, wel in Algerije, Nederland en België… ook in Japan, Thailand en China.

Verhuizen naar een andere stad en/of naar een ander land: ik moet toegeven, dat is soms ‘lastig’. In 3 verschillende landen heb ik gewoond, met elk een eigen geschiedenis, natuur, cultuur en sfeer. Het vroeg voortdurend ‘aanpassingen’. Reizen in 4 continenten (Amerika, Azië, Europa en Afrika) eist nog meer, hoe kort of hoe lang een verblijf ook is. Als je weet dat er 195 landen zijn, heb ik er niet veel gezien.

Een juni in Noorwegen...

Waar ben ik geweest?

West-Europa: België, Nederland, Luxemburg, Liechtenstein, Frankrijk, Corsica en Monaco, Duitsland, Oostenrijk, Zwitserland, Italië en Sardinië, Sicilië, Vaticaanstad, San Marino, Spanje, Madeira, Portugal, Griekenland, Groot-Brittannië, Schotland, Ierland. 
Noord-Europa: IJsland,  Finland, Noorwegen, Denemarken.
Oost-Europa: Tsjechië, Hongarije, Kroatië, Polen, Slovenië, Rusland.
Noord-Amerika (Virginia, Florida, California, North Carolina, Canada, Mexico, 
Curaçao.
Afrika: Algerije, Tunesië, Egypte, Zuid-Afrika.
Midden-Oosten: Israël, Turkije, Egypte.
Verre Oosten: China, Hong Kong, Japan, Laos, Thailand.
Zuidoost-Azië: India.

Een mei in China...

Waar woonde ik?

In eigen land woonde ik op meer dan 10 plekken, o.m. in As, Herk-De-Stad, Leuven, Kuringen, Runkst, Hasselt, Veurne, De Panne,  Westerlo, Antwerpen en Gent. Her en der met tegenzin, en eerlijk met de grootste ‘zin’ in Hasselt, Leuven, Antwerpen en Gent (nu mijn thuishaven).

In Algerije woonde ik 2 jaar in een kleine afgelegen stad, Sedrata, in het noordoosten. In Nederland 4 jaar in het aangename Amersfoort, op een boogscheur van Utrecht en Amsterdam. Mijn buitenlandse ‘missies’ waren dus beperkt… maar echt aangenaam, verrijkend leerrijk!

Een oktober in Algerije...

Die verhuizingen waren uitsluitend het gevolg van het werk van mijn man: een fabriek voorbereiden, opstarten of leiden. Ik deed zoveel mogelijk, met de nodige hindernissen, wat ik deed en nog altijd doe: schrijven. Ik vraag me zelfs af of dat schrijven me geholpen heeft of gered? Mijn aangeboren nieuwsgierigheid heeft me zeker geholpen. En ik houd, nog steeds, van mensen, van ontdekkingen, van schoonheid en ik wil nog altijd leren, weten en begrijpen...

Een oktober in Nederland...

Waar voelde ik me thuis?

In België, in Nederland en in Algerije. Het gevoel ergens thuis te zijn, zich thuis voelen, is moeilijk te omschrijven. Net als het Engelse woord ‘belonging’ is het moeilijk te ‘vertalen’ en te ‘vertellen’. Zich ergens thuis voelen heeft niet alleen te maken met er zich goed voelen, maar ook aanvaard en deel uitmaken van een gemeenschap op die plek. Ik heb dat gevoeld. En door mijn drie landen een en ander geleerd: ogen te openen voor mensen die anders zijn, die anders wonen, zich kleden en eten, voor mensen die verschillend zijn, die een andere taal spreken, andere tradities hebben of een ander geloof. Ik vond het leerrijk en boeiend maar ook confronterend, soms verwarrend. Het was (en is) soms moeilijk niet te oordelen en zeker niet te veroordelen… 
Je vooroordelen of vastgeroeste ideeën kennen en proberen uit te schakelen, is een uitdaging maar echt nodig. Ik moet toegeven: bepaalde gedragingen, levensomstandigheden, politieke, culturele en religieuze elementen maakten me wel boos, verdrietig, opstandig. Vooral armoede, ongelijkheid, discriminatie… omdat de belangrijkste slachtoffers bijna altijd vrouwen, meisjes en kinderen zijn.

Verhuistips nodig?

Voor wie wil, zal en kan verhuizen, geef ik graag enkele tips die het leven gemakkelijker maken... 
Een huis is niet zo belangrijk, maar een thuis wel. 
Probeer mensen te vertrouwen en niet te wantrouwen. 
Pas je aan, aan de gewoonten en gebruiken ter plaatse: shockeren wil je niet, vijanden maken ook niet. 
Zoek gelijkenissen: kleine kunnen verbinden, opvallende kunnen vervreemden of afstoten. 
Probeer niet op te vallen (door kledij of gedrag). Nederlanders hebben daar een mooie uitdrukking voor: steek je kop niet boven het maaiveld. 
Beleefd, bescheiden en nederig zijn, opent deuren in vele landen en culturen. 
Vergeet niet dat de tamtam in een kleine gemeenschap heel goed werkt: goed en slecht gedrag gaan als een lopend vuurtje rond… nog voor je mensen ontmoet!

Aanpassen?

Aanpassen is gemakkelijk als je de taal verstaat: dus in Nederland was dat geen enkel probleem (al worden taal- en cultuurverschillen toch snel duidelijk)… en in Algerije ook niet. Gelukkig kon ik daar in het Frans gesprekken voeren, een erfenis van de Franse kolonisatie tussen 1848 en 1954. Dat ik in beide landen werkelijk een thuisgevoel kon opbouwen, kostte enkele maanden inzet maar heeft tot op heden gevolgen: mijn band met bepaalde mensen en steden was en is gebleven, alsook het gevoel dat zowel Algerije als Nederland een stukje mijn (tweede of derde) moederland (vaderland) is…

#algerije #België #Nederland #thuis #reizen #wonen #belgeninhetbuitenland #vlamingenindewereld



vrijdag 24 juli 2026

EEN ZOMER VAN DODEN EN LEVENDEN

Als je in een groot gezin van acht kinderen wordt geboren en de zus van je mama ook zeven kinderen heeft - waarvan één er ook zes kinderen heeft - dan weet je dat je decennia lang gezegend bent met veel genegenheid en vreugde (geboortes, huwelijken en feesten), maar ook met veel verdriet (ziektes en begrafenissen)…

DODEN

Vreemd en jammer genoeg werd ik deze zomer geconfronteerd met zowel onverwachte en verwachte dood als met oud en nieuw leven. Over de doden kan ik eigenlijk niets dan goeds zeggen. Maar iemand die sterft, dat went niet, zelfs als je - net als ik - al je ouders, een broer en een zus, je schoonvader en enkele vrienden moet missen. Maar deze zomer was een te dodelijke maand. Afscheid was er van een zieke dappere broer, zijn dementerende schoonmoeder, een lieve gastvrije nicht, een zorgzame plusvader van twee neefjes, een oude Duitse vriend en de moeder van een collega die eerder haar echtgenot verloor… (over valpartijen, ontslagen, toekomstige operaties, enz. wil ik hier niet hebben). Zes verschillende doden, drie verschillende uitvaarten. Overal veel verdriet.

LEVEN

Gelukkig was er, als tegengewicht, op het afscheid van mijn broer en van mijn nicht, ook prettig nieuws: het huwelijk van zijn zoon, de glimlach van een prachtige Mexicaanse baby, het stralend gezicht van een toekomstige oma én enkele bijzondere ontmoetingen, al waren die zowel confronterend als aangenaam. Er was die lieve nicht die me ‘Peter en de Wolf’ liet horen toen ik geen 10 was. Ze is nog altijd die lieve nicht (net als haar zussen). Er waren minstens vier vrouwen en mannen - kinderen van nichten of neef - waarvan ik het geluk had hun tijdelijke of jarenlange babysit te zijn in Hasselt, Spanje of Washington. Het schiep een blijvende band en sympathie. Ze zijn zelf al ouder of grootouder... wat mij 'oud' maakt. En er was een uitzonderlijke ontmoeting met een dame, mevrouw T., die - hoe is het mogelijk! - 70 jaar geleden op mij, mijn tweelingzus en oudste broer babysitte… toen onze mama moest bevallen van haar tweede zoon… die in juni stierf. De cirkel is rond.

#dood #leven #babysitten #broer #nicht

 Foto: Acht kinderen in ons gezin: nummer 1, 4 en 5 leven niet meer...

dinsdag 30 juni 2026

MERAVIGLIOSO, PERICOLOSO E TROPPO DIFFICILE!

Prachtig, gevaarlijk en te zwaar, met andere woorden: nooit meer! Ik was opgelucht, tevreden en trots dat ik die martelende wandeltocht van Lago di Braies (Pragser Wildsee) tot Prato Piazza (Plätzwiese) in de Dolomieten aflegde, eh… overleefde.


Vijf wandeldagen in de Dolomieten, Zuid-Tirol, Italië, drie natuurparken waarvan een Unesco Werelderfgoed: het is nu of nooit, dacht ik. Met mijn 70+ moet ik er niet binnen een jaar of vijf aan beginnen. De eerste dag was al een voltreffer, in vele opzichten. Zo mooi maar nooit meer! Hoe mijn avontuur begon? Eerst met de bus van Dobbiaco naar Lago di Braies, ongeveer 15 minuten. Bij aankomst: een oogstrelend appelblauwgroen meer waarrond wandelen kan. Mijn man en ik kozen voor - zoals ‘opgedragen’ in de onze wandelbeschrijving – een helft ervan rechtsom stappen en dan het pad naar omhoog. Ik had niet alles van de beschrijving tot in de detail gelezen-begrepen, wel ‘lang en moeilijk’ gezien, maar, eerlijk gezegd, ik heb evenveel genoten als afgezien. En die tocht zal ik voor u proberen te beschrijven…

Het wandelen startte te laat - om 11u - want de 1ste bus kwam niet opdagen. Gewapend met hoge bergschoenen, in afritsbroek en T-shirt, met zonnecrème, zonnebril, pet, picknick, broodje kaas, appel en twee waterflessen (plus fleece en regenkledij die ik niet nodig had) konden we aan 1100 m stijgen beginnen. Opvallend weinig wandelaars voor en na: na afloop begreep ik dat! Je moet goed gek zijn om - badend in de zon of in de regen – al is het op een laag ritme dat traject af te leggen. Het 1 km lange turquoise meer verdampte tot een regenplas. Huurbootjes en toeristen werden ‘beneden’ onbeduidende streepjes en stipjes.

RAMPEN

Het pad slingerde verder, hoger en hoger, het landschap werd kaler en kaler… rotsiger en steniger, maar ook groots, weids, ontzaglijk. Zag of zou ik ooit nog zoiets zien? Neen, nergens. Niet in Zwitserland, niet in IJsland, Ierland of Schotland, niet in Noorwegen… zelfs de Grand Canyon in de VS verbleekte, voor mij, bij dat bergtoppenzicht.

Dat ik niet struikelde, viel of neerstortte was een klein wonder. Ik overdrijf niet (of een beetje). Ik moest me, met tussenpozen, geweldig concentreren, stap na stap, om niet het slachtoffer te worden van onderuitgaan, oneffenheden, uitglijden… Hoe dikwijls dacht ik onderweg: wat als er iets gebeurt? Ik zag in gedachte een scenario van een heuse rampenfilm waarin de hoofdactrice was. Sorry, toekomstige wandelaars, mijn verbeelding sloeg werkelijk op hol. Zal ik uitglijden? Neerstorten? Een val overleven? Kan een helikopter me redden? Nooit eerder had ik een dergelijk scenario bedacht, gevoeld, neen gevreesd. Kom ik heelhuids uit dit wandelavontuur zonder bloeddrukval, hersenbloeding of hartinfarct.? Ja, onderweg dacht ik gewoon aan alle mogelijke calamiteiten.


Twee vragen popten als popcorn al na een uur of vier, voortdurend op: hoelang duurt deze marteling nog? Zal ik dit hachelijk avontuur ongeschonden overleven? Ik kende de antwoorden niet. Op de derde vraag – nog zo’n wandeling? -  wel, met stelligheid: nooit meer! De toekomst voor mij ligt in veel minder moeilijke wandeltochten.

HOGER

Ik moest ook volhouden omdat ik niet kon stoppen, uitstappen of inkorten… of dat niet wilde (want er was blijkbaar wel 1 mogelijkheid om af te haken, nl. aan de Rossalm, waar we nota bene een koffie dronken, onder met muziek van een gitarist en een accordeonist). Naarmate we hoger en hoger ‘geraakten’, viel het op dat er niemand voor of na ons steeg, via hetzelfde stenige pad naar dezelfde eindbestemming. Dat bleef zo tot het eindpunt… door wat volgde begreep ik dat helemaal: bij een bepaalde etappe, aan een oranjekleurige koraalrotswand, hingen - gelukkig - stalen kabels om de bocht te maken en veilig te passeren! Ik greep ze met al mijn resterende kracht - niet veel - vast. Lossen kwam niet in mijn gedachte op. Spijt wel toen de kabels stopte en ik weer een rotsig (naar mijn oordeel te) smal pad verder moest volgen. Enkele lawines van stenen belemmerden een klein stuk van ons traject, maar niet onoverkomelijk: van ver leek de ‘oversteek’ onmogelijk, van dichtbij mogelijk. Al moest het op handen en voeten. Hoe dikwijls prevelde ik dan wel: Ann niet struikelen, niet vallen. Ik was de tel kwijt!


EMOTIES

Ik heb nooit eerder zoveel gezweet, gezucht, geklaagd (ocharm mijn medewandelaar-man), en zo dikwijls gestrompeld, gehijgd, gezucht en gestopt. Eigenlijk doorliep ik met gemak alle mogelijke emoties: bewondering, verwondering, extase, geluk, trots, tevredenheid, bezorgdheid, ongerustheid, twijfel, verwarring, hoogtevrees en… angst. Nooit zulke variatie aan gevoelens moeten doorlopen in 8 uur tijd. Want ja zolang duurde de beproeving, soms kwelling. Nooit zoveel schrik gehad tijdens een wandeling! Ik lach nog op de foto maar dat is pure show…

Ik dank niet God maar mezelf dat ik niet gevallen ben, neergestort ben, terwijl ik het lot heb uitgedaagd. Lang en moeilijk, schrijft Zuiderhuis (onze reisorganisator in de beschrijving) maar a.u.b. voeg de adjectieven ‘heel zwaar’ en ‘prachtig’, ‘ adembenemend’ erbij (nvdr: later enkel overtroffen door een wandeling rond de Tre Cime, Unesco Werelderfgoed).

REDDEN

Toch echt jammer dat een wandelaar op zijn tellen moet passen… letterlijk: op voeten, stappen, pad, wegeltje moet letten en niet constant met de neus in de lucht en de ogen op de weidse indrukwekkende omgeving kan voortbewegen. Die natuur, dat zicht op die bergtoppen… de Dürrenstein, Lungkofl, Jaufen, Rode Wand en Hoge Gaisl. A l kon ik niet zeggen welke top waar was. 

Achteraf dacht ik wel: wat als we op een ‘verwacht’ moment niet kwamen opdagen in ons hotel? Zouden ‘redders’ ons, op een bepaald uur, gaan zoeken als enkel onze bagage en niet wij arriveerden? En hoe? Met zaklampen, touwen, plooibare draagberrie en medische kit?  Met helikopter? Een veilige plek, laat staan eentje die in aanmerking zou kunnen komen voor een dalende heli, zag ik niet… En ‘iemand’ verwittigen? Heel hoog in de bergen werkte onze gsm niet… enkel de noodknop op de IPhone van mijn man… En wat als we geen zonovergoten dag (de onze) maar plots regen, storm of bliksemschichten ons overvielen? De tips van de reisorganisator - hoe gedragen bij slecht weer - had ik gelezen… maar niet onthouden. Mijn dikke fleece en regenbroek had ik in mijn rugzak niet mee, om mijn rug te sparen (wel na controle van het weerbericht).

BELONING

Mijn man liep voorop, soms te ver… en dat na een herstel van een openhartoperatie twee jaar eerder. Hij kon ‘het’ precies beter aan… of deed alsof? We zijn wel wandelaars, op overwegend  ‘platte’ bodems, geen getrainde of geoefende bergbeklimmers. Ik heb echt dikwijls willen opgeven en stoppen, maar dat ging dus niet. Op een bepaald moment bleven slechts twee mogelijkheden over: terug naar beneden of toch naar boven. De tevredenheid, opluchting, trots en voldoening bij aankomst op 2000 m hoogte was dan ook mateloos. En het geluksgevoel, enkel en alleen om de vaststelling: we hebben dit overleefd! Echt waar.

En de beloning, na die bijna 8 u marteling om 19u15 na 31.534 stappen? Het idyllische hotel Gaisl. Nooit eerder was ergens  ‘aankomen’ zo heerlijk en vriendelijk. Bezweet, met natte t shirt en bestofte schoenen (geen tijd om op te frissen en om te kleden want eten moest tussen 7 en 8) rechtstreeks - zonder boze of verwijtende blikken - mochten we aan tafel, getooid met een sneeuwwit laken… om na een deugddoend viergangenmenu in een ruime hotelkamer met uitzicht op bergen te douchen en niet meer te bewegen. Mijn voeten en lijf smeekten om water en platte rust. Mijn gevoel? Dit avontuur had ik niet willen missen, maar nooit meer!

WENSEN

Mijn wensen werden immers vervuld: ik viel niet (en hij ook niet!), gleed niet uit (niet noemenswaardig, noch met kwalijke gevolgen), struikelde niet, raakte niet gewond door vallende stenen, ik had geen zonnesteek, geen muggenbeten, ik was niet uitgedroogd of uitgehongerd, neergebliksemd of uitgeregend. Ik had geen bloeddrukval, appelflauwte, geen hartinfarct of hersenbloeding. Jaja, dat speelde echt bij momenten door mijn hoofd! ‘Oma is een schrikscheet’, zou mijn kleinzoon van negen zeggen. Een (tijdelijke) pijnlijke linkerknie, eksteroog en rechterteen na 14 km stijgen - geen spierpijn - kon ik als gevolgen gemakkelijk aanvaarden en verdragen. Ik was en ben een gelukzak! Maar, ik herhaal, het was adembenemend, maar nooit meer zulke wandeling, uitdaging, beproeving, marteling…


Ps. Wil je een prachtig uitzicht (met mogelijkheden van wandelen), zonder mijn tocht (6-7u, 14 km, 1100 m stijgen en 580 m dalen), neem de bus van Dobbiaco naar de Prato Piazza…

 

 

 

donderdag 21 mei 2026

EEN VERGIFTIGING NA EEN ZELFDODING...

Help, ik vergiftigde mijn dierbare prachtige dieffenbachia! Ik probeerde hem te redden, maar elke dag ging zijn toestand zichtbaar achteruit. De schitterende fiere witgroen bladeren gingen over naar een hangstatus… Ze verlepten en verbruinden. Ik had die plant in plaats van water azijn gegeven! Balen. Want na een ongeziene zelfdoding, gebeurde deze ongewilde vergiftiging…

Echt, ik houd van planten. Ik heb er meer dan 20 staan in mijn eetwoonkamer. Kleintjes en grote… met kleine, middelgrote en grote bladeren, met hoogtes tussen 10 en 60 cm…. En breedtes die ik niet ken. Ik houd van groen, veel groen, maar kan niet zeggen dat echt groene vingers heb. Ik doe echt wel mijn best om mijn groene kroost zo goed mogelijke te verzorgen, meestal op basis van advies van zij – websites, winkels, mensen - die het veel beter weten dan ik. En als ik met vakantie ben, zelfs voor enkele dagen, schakel een lieve buurvrouw in die waakt over mijn groen. En af en toe krijgen ze vitamines: water waarin 2 dagen bananenschillen weekten of een scheutje plantenvoeding.

GEEN OPZET

Maar o zo erg. Ik vergiftigde mijn Dieffenbachie! Niet met opzet, per vergissing. De twee gelijkende doorschijnende flessen stonden naast elkaar op het aanrecht… en ik greep de verkeerde! Was ik verstrooid, dromerig, in gedachten of in de wolken over iets? Ik weet het niet. Mijn vergissing merkte ik ’s anderendaags niet eens op, al hing er een heel licht azijngeurtje. Die geur wijdde ik aan het schoonmaken van mijn alu-wasbak. Drie dagen later trok die mijn aandacht omdat ze er naar mijn gevoel ‘bedrukt’ uitzag: afhangende bladeren zijn geen goed teken. Dat is, op een mensen toegepast, gelijkaardig aan ‘je oren laten hangen’ of ‘sip kijken’…

Ik drukte mijn neus in zijn pot: ik wist meteen wat er aan de hand was. Zo snel als mogelijk pakte ik de pot beet, liep de trappen af naar buiten, trok voorzichtig de plant uit zijn pot, schudde er alle aarde vanaf, spoelde de wortels, gaf hem een andere pot met pas gekochte potaarde… in de hoop, natuurlijk, dat hij er bovenop zou komen. Vergeefs gehoopt en gedacht.

GEEN REDDING

Mijn goedbedoelde manoevers hielpen geen fluit. Hij gaf langzaam de geest. In een ultieme poging om hem alsnog tot leven te wekken, verplaatste ik hem naar het terras, voor meer lucht en licht. Maar ook dat zorgde niet voor verbetering. Zijn bladeren verslapten totaal, zijn natte stengels kleurden bruin-rottig. Neen, hij was echt niet meer te redden. Uiteindelijk belandde hij in de groenbak van Ivago. O zo jammer, want hij deed het al maanden zo goed! Hij straalde want ik had de voor hem ideale plek gevonden! Ik was zo blij dat mijn Dieffenbachia achter de fotokaders van mijn dochters zich daar overduidelijk echt thuis voelde. Niet altijd gemakkelijk hoor: niet te warm niet te koud, niet in de tocht, genoeg, niet te veel en ook niet te weinig licht. Sommige planten zijn echt dramaqueens die op geen enkele plek gedijen, content zijn of stralen… Maar ja, mijn grove fout deed hem afzien en leidde tot zijn langzame maar zekere dood. Ik schaam me voor mijn onvoorzichtigheid en vergissing... en voel me o zo schuldig aan zijn dood.

TWEEDE SLACHTOFFER

Met dit verhaal zal ik geen lof oogsten of prijs winnen, wat ik met een vorig slachtoffer wel deed, nl. met het verhaal van mijn amaryllis. Die ‘verloor’ ik ook, niet door mijn fout (denk ik toch, tenzij een veel grotere pot hem zou hebben gered?), maar door zijn nachtelijke zelfdoding. ’s Morgens lag die gewoon horizontaal op de grond: ‘sprong’ hij uit de pot én van de kast? Het blijft een groot mysterie, waar noch ik noch mijn man schuldig aan zijn.

Gelukkig zit ik nu in een plantengroep op facebook waarin ik nuttige tips vind, al zijn die niet altijd eensluidend. Mister Google, madame Wikipedia of miss ChatGpT hielpen me ook al. Een verkeerde fles nemen, eentje met azijn in plaats van regenwater, dàt zal me nooit meer overkomen.

Hopelijk.


Ps. Waarom in hemelsnaam zijn mooie dingen van het mannelijk geslacht? Jawel, plant is een hij, geen zij.